KERKHISTORIE
De kerk werd vermoedelijk
vanuit Werendijke gesticht omstreeks het jaar 1270.
Als Rooms - Katholieke kerk, gewijd aan de heilige Catharina, kreeg ze in 1279
haar eerste bekende pastoor, Willem Cortevriendt. Meer dan 50 jaar heeft hij de
Sint Catharina kerk gediend. In zijn testament vermaakt hij veelgoederen aan de
kerk en geeft hij ook informatie over het interieur. Er blijkt n.l. uit dat er
een hoofdaltaar was en een altaar voor St. Nicolaas en St. Catharina.
St. Nicolaas was de beschermheilige van de vissers, zeevaarders en kooplieden.
Dat deze heilige hier werd vereerd is niet verwonderlijk, want in de late
Middeleeuwen waren de visserij en internationale vrachtvaart met hun
nevenbedrijven in Zoutelande belangrijke bronnen van inkomsten. Welke St.
Catharina bedoeld wordt is moeilijk na te gaan. Er zijn meerdere heiligen met
deze naam. Een heel bekende is Catharina van Alexandrië, die omstreeks het jaar
700 leefde en bekeerd was tot het Christendom
Het Catharijnen Convent in Utrecht, nu een museum, is naar deze Catharina
genoemd.
Hoe de kerk er einde 13e eeuw uit gezien heeft, is niet precies bekend. men is uitgegaan van de vorm van de huidige kerk, een tekening voor de verbouwing in 1735 en een schets uit 1932, getekend door David Kodde, destijds burgemeester van Zoutelande.

Schets 1 is een plattegrond afgeleid van een plattegrond die in 1735 door Adriaan Bommenee, een Veerse bouwkundige werd getekend.
De kerktoren is een
gedrongen, bakstenen toren en werd waarschijnlijk al gebouwd bij de stichting
van de kerk, eind 13e eeuw. De kerk is uit de 14e eeuw, maar was toen bijna 2x
zolang en eindigde in een driezijdig koor. Ter hoogte van de huidige consistorie
was een dwarsschip (transept), met een noordelijke- en zuidelijke arm.
Het geheel vormde een 'kruiskerk'.
Tijdens de 80
jarige oorlog (1568-1648) was het erg roerig op Walcheren. Zoutelande werd
menigmaal getroffen door verwoesting, vele inwoners verlieten het dorp om
rustiger oorden te vinden. het dorp raakte in verval en zo ook de kerk.
Waarschijnlijk zijn in deze tijd de zijbeuken afgebroken.
Eén van de inwoners van Zoutelande die in 1572 de zijde van de prins en van de
Geuzen koos was Evert Hendrikse (ca. 1540-1601), de stamvader van het beroemde
zeevaarders geslacht Evertsen. In Zoutelande hield hij zich bezig met visserij
en koophandel. Vanuit Vlissingen, waar hij later ging wonen, heeft hij tot aan
zijn dood in dienst van de Zeeuwse admiraliteit gevochten tegen de Spanjaarden.
In het Plantijn Moretmuseum te Antwerpen is een panorama van Walcheren uit de
16e eeuw aanwezig waarop te zien is dat de torenspits van de kerk in Zoutelande peervormig is
geweest.
Kerk en kerkhof waren vanaf de bouw omringd door een weg. Voor de Reformatie werd
deze rondweg gebruikt voor processies. In 1574 was het met deze kerkelijke
optochten voor goed gedaan.
Zoutelande dat tot de Calvinistische leer was overgegaan kreeg zijn eerste predikant
Dierick Pietersz. van Damme, een metselaar uit Middelburg. Hij wordt op 1
oktober 1574 bevestigd.
Voor zijn komst worden de pastorie en de kerk gerepareerd, de preekstoel
hersteld en er komt een nieuwe klepel in de klok.
"Plattegrond van de tegenwoordige kerk te Soutelande soo de
zelve nu staat, en soo verre dese grondt is afgeset en te repareren en het
verdere af te breeken en 't open gat met een gevel te stoppen".

Plattegrond van de kerk, in 1735 door Adriaan Bommenee
getekend.
A het koor; B houtenschot met spreekstoel; C
transeptarm; D portaal in de kerk met een houten schot van de preekkerk
gescheiden;
E consistorie; F portaal voor de kerkdeuren; G nieuw op te trekken gevel.
(Bron RAZ, Archief Staten van Zeeland no.1359)
In de loop der jaren worden
verschillende keren herstelwerkzaamheden aan de kerk uitgevoerd. In 1735 is het
noodzakelijk om een ingrijpende restauratie uit te voeren.
De kerk heeft toen zijn huidige vorm gekregen maar dan zonder consistorie.
Koor en dwarsschip werden afgebroken
en de noordmuur werd dichtgemetseld.
De vloer mocht niet afgebroken worden, want daar lagen grafzerken.
De uitvoerder van het werk is Joris Pinte en de inwoners van Zoutelande moesten
meehelpen om de zware materialen en gereedschappen te vervoeren, behalve tijdens
de oogst.
Op 2 september 1737 is het werk geklaard.
Kerk in 1792 naar een tekening van J.Bulthuis.
Rondom de kerk lag het
kerkhof, de hoogte daarvan was onregelmatig. De wind voerde steeds zand aan dat
neerviel op de straat en ook op het kerkhof. Het zand werd van de straat
afgeschept en ook nog eens op het kerkhof opgestapeld. zo ontstonden z.g. 'drichten'.
Deze drichten zag men overal als begrenzing duintjes tussen de percelen. Om
graven te delven moest regelmatig een deel van het kerkhof zandvrij gemaakt
worden. Rond 1890 werd voor het laatst op deze begraafplaats begraven. Toen deze in 1932 werd afgegraven, kwamen de fundamenten van het deel
der kerk dat verdwenen was, weer te voorschijn.
Kerk
vòòr 1906, zonder consistorie.
De muren zijn bestreken met een cementlaag.
Duidelijk zijn de 'drichten' te zien rondom de kerk.
In 1809 werd de kerk weer betrokken bij oorlogshandelingen. Op 29 juli
verscheen de Engelse vloot voor de Schelde. De bedoeling was een aanval op
Vlissingen, dat reeds in 1807 bij Frankrijk was ingelijfd. Doordat de wind de
landing bij Zoutelande verhinderde landde men bij Vrouwenpolder, en kwamen de
Engelsen over land in Zoutelande waar ze in de kerk gelegerd werden.
Op 29 en 30 november 1836
woedt er een geweldige storm waardoor de kerk zwaar beschadigd wordt.
De inwoners kunnen het bedrag voor het herstel niet opbrengen, en de kerkvoogden
en notabelen wenden zich per brief tot de koning om hulp. Het rijk geeft dan F.
1.300,- voor herstel!
In 1888 werd voor het eerst een orgel geplaatst in de kerk.
Tussen de twee steunberen
aan de voorzijde van de toren was een arrestantenhok gebouwd met een getralied
raam.. Door de voortdurende duinverstuivingen is de voet van de toren onder
de bodem komen te liggen.
Het kerkhof was afgezet met prikkeldraad...!
Vòòr 1929 is de
pleisterlaag van de kerkmuren gehaald, de toren was enkele jaren eerder
schoongemaakt, het arrestanten hok was intussen afgebroken. Aan de oostzijde van
de kerk, waar voorheen het koor was , werd in 1906 een consistorie aangebouwd.
De eerste steen werd gelegd op 28 augustus van dat jaar door ds.
Lazonder.
Kerkuitgang,
op deze foto lijkt het of er alleen maar vrouwen naar de kerk gingen.
Het was vroeger zo dat mannen en vrouwen in de kerk niet bij elkaar zaten, de
zijbanken waren voor de mannen bestemd. Zij verlieten eerst de kerk, daarna
volgden de vrouwen.